De Terpen

De Greidhoeke ligt in het Friese ‘Terpelân’ en behoort tot het vroegst bewoonde deel van het Noord-Nederlandse zeekleigebied. Rond het jaar 500 voor Christus vestigden de eerste bewoners zich hier in de regelmatig door de zee overstroomde kuststreek. Om have en goed tegen het water te beschermen wierpen zij woonheuvels of terpen op. Deze tekenen zich nu nog af als lichte terreinverhogingen. De ondergrond van de 29 dorpen en bijna even zo talrijke buurtschappen wordt gevormd door zulke oude terpen. Sinds het jaar 1000 behoeden dijken land en bewoners tegen stormvloed en overstromingen. Vele oude dijken slingeren zich heel herkenbaar door het landschap, bijvoorbeeld de Slachtedyk (ten westen van Kûbaard, langs Hidaard en Reahûs oostwaarts) en de dijk van de voormalige Middelzee (de Hegedyk tussen Jellum en Boazum). Het oude zeekleigebied is altijd welvarend geweest. Dat valt in dit bij uitstek weidegebeid af te lezen aan de talrijke grote boerderijen van het stelp- en kop-hals-romptype. Bijna ieder dorp telt statige herenhuizen en een beeldbepalende oude kerk. Imposante 11de en 12de eeuwse kerken in Romaanse stijl staan bijvoorbeeld in Jorwert en Boazum. Diverse fraaie dorpsgezichten, oude kerkpaden, talrijke dorpsvaarten, zeer verrassende elementen (de mummies in Wieuwerd) en natuurlijk het weidse landschap nodigen uit tot rondtoeren en rondkijken.

.
0